Interview met Lia de Ridder in Lokaal Bestuur

Tue 24 Nov 2009, 20:08 uur
Nieuws |

Met toestemming overgenomen van de site van Centrum voor Lokaal Bestuur.

Uit: Lokaal Bestuur, jaargang 33, nr. 11, november 2009.

Auteur: Kirsten Verdel.

 

Wie: Lia de Ridder

Wat: Fractievoorzitter

Partij: Progressief Oegstgeest (PvdA/GroenLinks/D66)

Waar: Oegstgeest

Web: www.progressiefoegstgeest.nl

 

Progressief Oegstgeest bestaat al heel lang. Is de samenwerking ‘dus' een succes?

‘De samenwerking bevalt echt heel goed. Het is wel grappig, want ik ben van D66 en sinds de laatste verkiezingen word ik aan de lopende band gevraagd of D66 niet uit Progressief Oegstgeest stapt en alleen verder gaat. Maar daar denk ik niet eens over na, het gaat prima hier. We hebben onderling gewoon nauwelijks meningsverschillen, dus waarom zouden we?'

 

Jullie hebben echt helemaal geen ruzie, nergens over? Helemaal niks?

Lachend: ‘Gewoon niet. Goed hè?'

 

Wat delen jullie?

‘Ze noemen ons hier ‘PrO-ers'. We hebben pro-standpunten op een drietal hoofdthema's: duurzaam, sociaal en lokaal. Om een voorbeeld bij ‘sociaal' te geven: We betrekken onze vuilniswagens van de gemeente Leiden en die heeft besloten om alle wagens onder te brengen in een NV. Dat betekent dat de betrokken ambtenaren straks medewerkers worden van een commercieel bedrijf. Dat heeft ook gevolgen voor hun arbeidsvoorwaarden. Wij horen dan van tevoren al dat ‘PrO natuurlijk weer voor die mensen opkomt.' Dat is eigenlijk wel een compliment.'

 

Was het praktisch veel gedoe om op te gaan in een andere partij?

‘We hebben hele praktische afspraken gemaakt. Er zijn nog steeds drie afdelingen voor alle partijen. Die partijen moeten immers ook folderen voor nationale verkiezingen en zo. De afspraak is dat de afzonderlijke partijen zich niet met de lokale politiek bemoeien. Verder vaardigt elke partij iemand af in het bestuur van Progressief Oegstgeest, dat daarnaast ook eigen bestuursleden kent. Mensen in de gemeente kunnen kiezen: ze kunnen lid worden van D66, GroenLinks of PvdA, of van Progressief Oegstgeest zelf. Er zijn echter niet heel veel mensen die dat laatste doen. Slechts een van onze raadsleden is alleen maar lid van Progressief Oegstgeest en er zijn volgens mij nog geen tien echte PrO-leden.'

 

Waar ben je het meest trots op met betrekking tot de samenwerking?

‘Waar ik trots op ben is de kwaliteit van onze standpunten. We hebben vaak zeer langdurige fractievergaderingen doordat we overal net ietsje anders over denken. We komen daardoor tot zeer gedegen standpunten, in mijn ogen beter dan die van andere fracties. Bovendien zijn er mede dankzij onze samenwerking maar vier partijen in Oegstgeest. Daardoor zijn de commissievergaderingen een stuk minder vervelend dan in plaatsen waar zeven partijen zijn waarvan er vier maar één raadslid hebben en er dus veel herhaald wordt.'

 

Het college bestaat uit Progressief Oegstgeest, de VVD en het CDA. Hadden jullie niet met alleen de VVD ook al een meerderheid?

‘Klopt, maar we hadden in de voorgaande periode gezien dat het CDA zich vaak oppositioneel opstelde met Leefbaar Oegstgeest. Wij wilden deze collegeperiode gewoon een aantal dingen voor elkaar krijgen en geen last hebben van een sterke oppositie. Het CDA insluiten was daar een handige oplossing voor.'

 

En gaat dat ook goed? Het CDA doet lekker mee?

‘Haha... tja... ik roep soms dat ik wel zou willen dat we de absolute meerderheid hadden, want de andere partijen zijn toch gewoon conservatief. Wij zijn met Progressief Oegstgeest niet voor niets in naam progressief. Onze coalitiepartners lopen niet zo hard voor vernieuwing en verandering. Het CDA meekrijgen lukt niet altijd. Maar ze snappen ook dat de coalitie in theorie zonder ze kan. Ze doen dus wel hun best, maar traag.

 

Hebben jullie het wel eens over de landelijke politiek? Dat de partijen daar ook samen moeten gaan?

‘Ja. Ons 10-jarig lustrum was in 2005. We organiseerden toen een debat waar kopstukken uit de drie partijen naar kwamen, zoals Ruud Koole en Thom de Graaf. De wonden van Paars waren echter nog heel vers. Toen bleek wel heel duidelijk dat er landelijk nog veel oud zeer zat waardoor een toenaderingspoging er gewoon niet in zat. Uiteindelijk vind ik het belangrijkste in de samenwerking dat de kwaliteit van het bestuur goed is en dat we heel praktisch kunnen werken. En dat doen we in Oegstgeest. Ik zie vooral voordelen. Het is voor mij heel makkelijk om niet over de mogelijkheid van een splitsing te denken!'